In de Hollandse waterlinies gaat het om het onder water zetten van land voor de verdediging. Minder bekend is dat water op de forten zelf ook noodzakelijk is. Want water is nodig voor de soldaten om te drinken, om te wassen, om voedsel te bereiden en om kanonnen te koelen. Op menig fort waren pompen geslagen in het grondwater, maar in de reduits van de forten bij Rijnauwen en bij Vechten werd ook regenwater opgevangen en via druipkokers naar zogenaamde reinwaterkelders geleid.

Reinwaterkelders zijn een unieke voorziening op de forten. Ze zijn ontworpen voor het geval dat zo’n honderd manschappen in het reduit dertig dagen lang in een laatste verdedigingslinie moesten stand houden. Regenwater werd in de anderhalve meter dikke grondlaag opgevangen en via schuine daken en buizen geleid naar kelders onder het reduit. Onderweg stonden de druipkokers, in elk reduit wel zo’n 37! Voor de constructie van de kelders is gerekend op 100 manschappen die in een termijn van vier weken 4 tot maximaal 6 liter per persoon nodig hebben om te wassen, te scheren, kleren schoon te maken en te koken.

Er zijn – gelukkig – geen ervaringen hoe het watergebruik in de praktijk is geweest. We weten dus niet hoeveel water er echt nodig zou zijn. Toch is deze vraag belangrijk én in deze tijd opnieuw actueel nu iedereen wordt geacht drinkwater een noodpakket in huis te hebben. Vergelijk de maximaal zes liter van toen dan eens met ons tegenwoordige gebruik van water. Dat is gemiddeld 130 liter per persoon. Meer dan 20 maal zo veel! Volgens het pas verspreide boekje ‘Bereid je voor op een noodsituatie ’van de rijksoverheid heb je in het noodpakket van drie dagen slechts minimaal 3 liter water per persoon per etmaal nodig. Hoe zit dat dan?

Drinkwater is een schaars goed, al helemaal in noodsituaties als de watervoorziening stokt. Ook vroeger wist men dat dit water schoon moest zijn. Tegenwoordig zijn we gewend geraakt aan het gemak van schoon water, terwijl we tegelijk ook veel meer water zijn gaan gebruiken. Water om te douchen en voor het veelvuldig doorspoelen van het watercloset, de wc. Net zoals in de reinwaterkelders moet je drinkwater bewaren op een koele, donkere plek. Maar heb je dan voldoende water?

Mensen die het noodpakket uitprobeerden, vinden dat drie liter te weinig is. Jezelf wassen kun je er nauwelijks mee, laat staan douchen. Het is te hopen dat een noodsituatie niet lang duurt. Maar niet alleen de watervraag van huishoudens is veel groter geworden, ook industrie en datacenters vragen veel water voor productieprocessen en koeling. Bovendien is de hele waterketen complexer ingericht. Als de elektriciteit uitvalt krijgen technische installaties in de rioolwaterzuivering en in de drinkwaterwinning problemen. Dat was vroeger allemaal niet.

We hoeven niet nostalgisch terug te kijken, maar met de latrines van vroeger was er in ieder geval geen waterspoeling voor toiletten nodig. En toen de forten werden gebouwd, was er ook nog geen elektriciteit. Drie dagen niet kunnen wassen of douchen is één ding, maar geen of nauwelijks toiletspoeling is dat wel uit te houden? Blijft de vraag wat we – al dan niet in noodsituaties – kunnen leren van het vroegere watergebruik op de forten. Neem alvast de proef op de som bij een rondleiding in de gebouwen van Rijnauwen of Vechten en proef het schone water van de druipkokers in de reduits.

Tekst en foto’s: Ben Hermans